Hoofdstuk 20 · Nectar (4.1e editie) · Biologie VWO
Examenvragen bij hoofdstuk 20: Planten
30 vragen uit 10 eindexamens Biologie VWO (2021 tot en met 2025) gaan over de stof van hoofdstuk 20 (Planten) van Nectar (4.1e editie), samen goed voor 51 punten. Bij elke vraag staat een uitleg: wat er gevraagd wordt, hoe je het aanpakt, het antwoord voor alle punten en de valkuilen. Hieronder zie je per vraag wat er gevraagd wordt; klik door om de vraag te maken.
Valkuilen bij hoofdstuk 20
Uit de uitleg bij deze vragen: antwoorden die te vaag zijn, begrippen die je makkelijk verwart en wat het correctievoorschrift wel en niet goed rekent.
- Bij vraag 9 van ‘Hoe planten overstroming overleven’ (2025, tijdvak 1) →
Water zelf wordt niet actief getransporteerd: het beweegt passief, door osmose. Wie schrijft "er is minder energie om water op te nemen", slaat de stap met de ionen over en mist een punt. Begin ook niet bij de bladeren: de vraag gaat over wat er in de wortel misgaat.
- Bij vraag 19 van ‘De nijlpaarden van Pablo Escobar’ (2025, tijdvak 1) →
Ook 'glycerinezuur', 'glycerinezuur-1,3-difosfaat' en '(3-)glyceraldehyde-3-fosfaat' worden goed gerekend. Ribulosedifosfaat is fout: dat is het C5-molecuul waaraan wordt gebonden.
- Bij vraag 7 van ‘Jakobskruiskruid uit de berm’ (2025, tijdvak 2) →
Glucose is fout: dat is een organische stof die de plant zelf maakt. Een lading die je weglaat of fout noteert bij nitraat of ammonium, wordt niet aangerekend.
- Bij vraag 4 van ‘Nicotine tijdens de vroege embryonale ontwikkeling’ (2024, tijdvak 1) →
'Kunstmatige selectie' levert geen punt op, ook al lijkt het erop. Het model vraagt de naam van het hele proces met kruisingen en selectie, en dat is veredeling. Genetische modificatie is ook fout: daarbij worden genen direct in het DNA ingebracht, zonder kruisingen.
- Bij vraag 26 van ‘Bonenziekte’ (2024, tijdvak 1) →
Verwar NADPH niet met . De vraag gaat over de vorm die in de PPP wordt gevormd: NADPH, de geladen drager. Die geeft zijn elektronen af bij een opbouwreactie.
- Bij vraag 38 van ‘Schadelijke peuken’ (2024, tijdvak 2) →
Een redenering vanuit een groter wortelstelsel (meer opname, meer groei) krijgt ook de punten. Noem beide stappen: de opname en het gevolg voor groei.
Alle 30 vragen over hoofdstuk 20
Per vraag zie je wat er gevraagd wordt. In de opgave staan de vragen over dit onderwerp in het groen.
Eindexamen 2025, tijdvak 1
- Vraag 93 punten · met uitleg
Je legt uit hoe zuurstofgebrek in de wortelcellen ertoe leidt dat er minder water naar de bladeren gaat. Je hebt kennis nodig van dissimilatie, actief transport en osmose in de wortel.
- Vraag 101 punt · met uitleg
Je noemt het deel van het blad waardoor het gasvormige ethyleen normaal de plant verlaat. Dit test de bouw van het blad en gaswisseling.
- Vraag 131 punt · met uitleg
Je kiest de twee genetische veranderingen die een gewas beter bestand maken tegen overstroming. Dit test of je het mechanisme uit afbeelding 2 kunt toepassen.
Eindexamen 2025, tijdvak 2
- Vraag 71 punt · met uitleg
Je noemt drie anorganische stoffen die de plant moet opnemen om putrescine te maken. Dit test fotosynthese en de opname van stikstof.
- Vraag 82 punten · met uitleg
Je beoordeelt drie uitspraken over de vorming en het transport van PA's. Dit test het begrip stikstofassimilatie en het transport van stoffen in een plant.
Eindexamen 2024, tijdvak 1
Eindexamen 2024, tijdvak 2
- Vraag 382 punten · met uitleg
Je beredeneert dat een klein verschil in wortelgewicht bij de kiemplant na 21 dagen kan uitgroeien tot een groot verschil. Dit test hoe wortels, opname van stoffen en groei samenhangen.
- Vraag 392 punten · met uitleg
Je bepaalt welk effect een lager gehalte chlorofyl b heeft op de fotosynthese. Dit test welk licht de pigmenten opvangen en wat elk fotosysteem doet.
Eindexamen 2023, tijdvak 1
- Vraag 342 punten · met uitleg
Je bepaalt via welk type vaten fosfaat naar de cellen gaat waar het in een organische stof wordt ingebouwd, en hoe dat inbouwen heet. Dit test plantaardig transport en assimilatie.
- Vraag 351 punt · met uitleg
Je noemt twee stoffen met fosfor die in de lichtreactie ontstaan en in de donkerreactie worden gebruikt. Dit test de koppeling tussen licht- en donkerreactie.
Eindexamen 2023, tijdvak 2
- Vraag 182 punten · met uitleg
Je legt uit dat open huidmondjes Striga voordeel geven bij de opname van stoffen via de gastheer. Dit test de transpiratiestroom en het transport van water met mineralen.
- Vraag 191 punt · met uitleg
Je noemt het vaatweefsel dat het water in afbeelding 2 vervoert. Dit test houtvaten en bastvaten.
- Vraag 202 punten · met uitleg
Je bepaalt wat de mutatie in het PP2C-gen met PP2C doet en welk gevolg dat voor de sluitcellen heeft. Dit test de ABA-signaalcascade en turgor.
Eindexamen 2022, tijdvak 2
- Vraag 202 punten · met uitleg
Je bepaalt welke van vier stofwisselingsprocessen niet of nauwelijks plaatsvinden in warkruid. Dit test het verschil tussen fotosynthese en dissimilatie.
- Vraag 231 punt · met uitleg
Je verklaart waarom het voor warkruid functioneel is dat het de expressie van het SEOR1-gen remt. Dit test het verband tussen een gen en het voordeel voor de parasiet.
- Vraag 252 punten · met uitleg
Je kiest bij P en Q het nummer in afbeelding 4 dat de bastvaten aangeeft. Dit test de ligging van hout- en bastvaten in blad en stengel.
Eindexamen 2022, tijdvak 3
Eindexamen 2021, tijdvak 2
Eindexamen 2021, tijdvak 3
- Vraag 61 punt · met uitleg
Je bepaalt in welke verbinding een elektron terechtkomt dat via fotosysteem II en I wordt vervoerd. Dit test de lichtreactie van de fotosynthese.
- Vraag 71 punt · met uitleg
Je legt uit dat de lichtreactie stilvalt als de donkerreactie niet werkt. Dit test het verband tussen de twee delen van de fotosynthese.
- Vraag 232 punten · met uitleg
Je verklaart in twee delen waarom sluiten van huidmondjes de fotorespiratie verhoogt, en waarom fotorespiratie de opbrengst van de fotosynthese verlaagt. Dit test de werking van rubisco en de Calvin-cyclus.
- Vraag 242 punten · met uitleg
Je bepaalt van drie beweringen of ze op grond van afbeelding 2 juist zijn. Dit test het lezen van een grafiek met twee lijnen.
- Vraag 252 punten · met uitleg
Je bepaalt welke verbinding bij C3-planten en welke bij C4-planten het eerst stabiel wordt gevormd na fixatie van uit de lucht. Dit test het verschil tussen C3- en C4-planten.
- Vraag 262 punten · met uitleg
Je legt uit waarom fotosysteem II in de bundelschedecellen nadelig zou zijn voor de efficiëntie van de fotosynthese. Dit test de koppeling tussen fotosysteem II, zuurstof en fotorespiratie.
- Vraag 272 punten · met uitleg
Je bepaalt voor drie eigenschappen van het bladweefsel of mutanten met meer of minder daarvan interessant zijn voor het C4-project. Dit test de bladbouw van C4-planten.
- Vraag 292 punten · met uitleg
Je koppelt drie eigenschappen van C4-rijst aan de verbetering van de efficiëntie waaraan ze in de eerste plaats bijdragen: land, stikstof of water. Dit test het verband tussen de eigenschappen van C4-planten en duurzame landbouw.