Hoofdstuk 14 · Nectar (4.1e editie) · Biologie HAVO
Examenvragen bij hoofdstuk 14: Reageren
11 vragen uit 4 eindexamens Biologie HAVO (2025 tot en met 2026) gaan over de stof van hoofdstuk 14 (Reageren) van Nectar (4.1e editie), samen goed voor 17 punten. Bij elke vraag staat een uitleg: wat er gevraagd wordt, hoe je het aanpakt, het antwoord voor alle punten en de valkuilen. Hieronder zie je per vraag wat er gevraagd wordt; klik door om de vraag te maken.
Valkuilen bij hoofdstuk 14
Uit de uitleg bij deze vragen: antwoorden die te vaag zijn, begrippen die je makkelijk verwart en wat het correctievoorschrift wel en niet goed rekent.
- Bij vraag 3 van ‘Vanya in actie’ (2026, tijdvak 1) →
Beide delen van de optie moeten kloppen, anders krijg je geen punten. Bij de darmen geldt: meer activiteit van het orthosympathische deel betekent minder bloed naar de darmen.
- Bij vraag 5 van ‘Schrik voor een prik’ (2026, tijdvak 2) →
Hyperventileren kun je bewust doen, maar het ademcentrum zelf zit niet in de grote hersenen.
- Bij vraag 27 van ‘De Bajau’ (2025, tijdvak 1) →
Orthosympathisch is het "actie"-deel. Het parasympathisch stelsel doet het tegenovergestelde.
- Bij vraag 37 van ‘Gevaarlijke sporen’ (2025, tijdvak 1) →
De bovenzijde van de tekening is de voorkant van het hoofd. Bepaal de plek dus van boven (voor) naar onder (achter).
- Bij vraag 44 van ‘Eieren met spek’ (2025, tijdvak 1) →
De motorische schors zit in de grote hersenen naast de sensorische, maar die doet het sturen van spieren, niet het waarnemen.
- Bij vraag 38 van ‘Kameleon bekent kleur’ (2025, tijdvak 2) →
Noem de snelheid van de aanpassing. Alleen "het is een ander systeem" geeft geen punt.
Alle 11 vragen over hoofdstuk 14
Per vraag zie je wat er gevraagd wordt. In de opgave staan de vragen over dit onderwerp in het groen.