Subdomein D1 · Scheikunde VWO
Examenvragen over Chemische vakmethodes
13 vragen uit 6 eindexamens Scheikunde VWO (2022 tot en met 2025) gaan over het subdomein Chemische vakmethodes, samen goed voor 27 punten. Bij elke vraag staat een uitleg: wat er gevraagd wordt, hoe je het aanpakt, het antwoord voor alle punten en de valkuilen. Hieronder zie je per vraag wat er gevraagd wordt; klik door om de vraag te maken.
Valkuilen bij Chemische vakmethodes
Uit de uitleg bij deze vragen: antwoorden die te vaag zijn, begrippen die je makkelijk verwart en wat het correctievoorschrift wel en niet goed rekent.
- Bij vraag 5 van ‘DCDA’ (2025, tijdvak 2) →
Beide fragmenten bij b moeten goed zijn voor het tweede punt. Omcirkel precies het deel dat overblijft na één verbroken enkele binding.
- Bij vraag 24 van ‘De geur van kater-urine’ (2025, tijdvak 2) →
Geef bij elke hypothese een conclusie én de toelichting uit de figuur. Alleen "ja" of "nee" is niet genoeg. Je hoeft de vlek van glycine niet te noemen: de vlek van felinine is voldoende.
- Bij vraag 12 van ‘Microbolletjes’ (2024, tijdvak 1) →
Het model accepteert voor de tweede methode zowel 'indampen' als 'destillatie'. Geef precies twee namen, één per scheiding, en in de volgorde van de vraag: eerst de scheiding van het PLGA-geneesmiddel en het oplosmiddel, dan die van oplosmiddel en water.
- Bij vraag 22 van ‘Creatine’ (2024, tijdvak 1) →
Volgens de aanvulling krijg je het derde punt voor een consequente conclusie: zij moet volgen uit wat je eerder schreef, ook als je redenering niet klopt. Gebruik formule 1: noem octaan-1-ol en water. Vergelijk de twee waarden met elkaar: van creatine is kleiner dan 1, maar toch veel groter dan die van asparaginezuur.
- Bij vraag 8 van ‘Gerolsteiner®’ (2023, tijdvak 1) →
Technieken die op chemische eigenschappen of op absorptie van licht berekend zijn, zoals chromatografie of spectrofotometrie, scheiden isotopen niet.
- Bij vraag 16 van ‘PFOA’ (2023, tijdvak 2) →
Een uitleg zonder oplosbaarheid ("omdat water wordt toegevoegd") is te vaag. Je mag het ook omdraaien: " lost niet op in water". De methode heet extractie omdat een oplosmiddel (water) één stof uit het mengsel haalt, en niet destillatie of filtreren: daar speelt kookpunt of deeltjesgrootte de rol.
Alle 13 vragen over Chemische vakmethodes
Per vraag zie je wat er gevraagd wordt. In de opgave staan de vragen over dit onderwerp in het groen.
Eindexamen 2025, tijdvak 1
- Vraag 43 punten · met uitleg
Je bepaalt of een apolaire stationaire fase met een polaire mobiele fase (manier 1) is gebruikt, of een polaire stationaire fase met een apolaire mobiele fase (manier 2). Dit test chromatografie: retentietijd en polariteit.
- Vraag 53 punten · met uitleg
Je bepaalt de molverhouding HMF : FF in het monster en beoordeelt of die past bij straight whiskey (tussen 2,0 en 2,6).
Eindexamen 2025, tijdvak 2
- Vraag 22 punten · met uitleg
Je kiest een scheidingsmethode om de vaste stof X uit het mengsel in S1 te halen. Je legt uit welk verschil in stofeigenschap tussen cyaanamide en stof X die methode mogelijk maakt.
- Vraag 52 punten · met uitleg
Je omcirkelt op de uitwerkbijlage fragmenten van de DCDA-isomeren die bij en horen. Er wordt slechts één enkele binding verbroken.
- Vraag 242 punten · met uitleg
Je legt voor elke hypothese uit of die door figuur 3 wordt ondersteund. Je vergelijkt de vlekken met en zonder cauxine.
- Vraag 252 punten · met uitleg
Je zegt waarvoor je piekoppervlaktes in een gaschromatogram gebruikt, en geeft met figuur 5 een argument dat stof X de geur van NGK-urine meer beïnvloedt dan stof Y.