Hoofdstuk 11 · Nova · Scheikunde HAVO
Examenvragen bij hoofdstuk 11: Groenere industrie
13 vragen uit 3 eindexamens Scheikunde HAVO (2024 tot en met 2026) gaan over de stof van hoofdstuk 11 (Groenere industrie) van Nova, samen goed voor 24 punten. Bij elke vraag staat een uitleg: wat er gevraagd wordt, hoe je het aanpakt, het antwoord voor alle punten en de valkuilen. Hieronder zie je per vraag wat er gevraagd wordt; klik door om de vraag te maken.
Valkuilen bij hoofdstuk 11
Uit de uitleg bij deze vragen: antwoorden die te vaag zijn, begrippen die je makkelijk verwart en wat het correctievoorschrift wel en niet goed rekent.
- Bij vraag 7 van ‘Koffiebekers gerecycled’ (2026, tijdvak 1) →
Alleen zeggen dat PMZ "biologisch afbreekbaar" is, geeft geen punt: het gaat om de herkomst van het koolstof. Het model rekent ook goed: PE komt uit de lange koolstofkringloop en PMZ uit de korte, met de opmerking dat bij verbranding koolstofdioxide ontstaat.
- Bij vraag 4 van ‘Smart Stitch™’ (2026, tijdvak 2) →
Het model accepteert ook: bij gelijke ketenlengte heeft de hoofdketen van een polyamide ook N-atomen, dus komt er minder vrij. Eén argument is genoeg. Alleen "het is biologisch" is te vaag: benoem de koolstofkringloop of het .
- Bij vraag 13 van ‘Terugwinning van lithium’ (2026, tijdvak 2) →
Algemene voorzorgsmaatregelen, of maatregelen die niet gericht zijn op het ontstaan van chloorgas in een fabriek, tellen niet. De twee P-zinnen moeten bovendien twee verschillende maatregelen beschrijven. Geef niet meer dan twee nummers: alleen de eerste twee tellen mee.
- Bij vraag 25 van ‘Gemodificeerd zetmeel’ (2026, tijdvak 2) →
Reken met de coëfficiënten uit de vergelijking: en niet . Zowel de beginstoffen (162 + 68,0) als de producten (176 + 54,0) geven 230 voor de noemer. Dat is ook een controle.
- Bij vraag 4 van ‘Toiletpapier wordt bio-ethanol’ (2024, tijdvak 1) →
Reken de mee bij de beginstoffen. Vergeet je het water, dan krijg je , en dat is fout. Reken met de coëfficiënt 6 bij ethanol. Een rekenfout of een verkeerde eenheid kost een punt, maar een atoomeconomie als percentage of als getal tussen 0 en 1 is goed.
- Bij vraag 6 van ‘Koeien boeren methaan op’ (2024, tijdvak 1) →
'Opwarming van de aarde' is ook goed. Het gaat om de naam van het effect, niet om een gas of een gevolg zoals smeltend ijs.
Alle 13 vragen over hoofdstuk 11
Per vraag zie je wat er gevraagd wordt. In de opgave staan de vragen over dit onderwerp in het groen.
Eindexamen 2026, tijdvak 1
- Vraag 52 punten · met uitleg
Je geeft één argument voor en één argument tegen de stelling dat het recyclen van koffiebekers past bij het cradle-to-cradle-principe. Volgens dat principe houden alle materialen blijvende waarde en blijven ze in gesloten kringlopen.
- Vraag 72 punten · met uitleg
Je legt met de koolstofkringloop uit dat het gebruik van PMZ minder bijdraagt aan het versterkt broeikaseffect dan het gebruik van PE, ook al worden beide verbrand.
Eindexamen 2026, tijdvak 2
- Vraag 12 punten · met uitleg
Je geeft twee argumenten over kleding met Smart Stitch-garen: een waarom het wel past bij het cradle-to-cradle-principe en een waarom het daar niet bij past. Je toetst de tekst aan dat principe: materialen worden steeds opnieuw gebruikt in een gesloten kringloop, zonder afval.
- Vraag 41 punt · met uitleg
Je geeft een argument waarom het polyamide, gemaakt uit ricinus-olie, over de hele levenscyclus minder bijdraagt aan het versterkt broeikaseffect dan polypropeen. Je vergelijkt de herkomst van de grondstoffen.
- Vraag 132 punten · met uitleg
Je zoekt in de tabel met gevaren- en voorzorgsaanduidingen in je informatieboek twee P-zinnen op. Elke P-zin beschrijft een andere voorzorgsmaatregel die past bij de gevarenaanduidingen H318 en H319 van chloor.
- Vraag 213 punten · met uitleg
Je maakt het blokschema op de uitwerkbijlage compleet. Je tekent de ontbrekende pijlen met stofstromen en schrijft op de stippellijntjes en bij de nieuwe pijlen de nummers 1 tot en met 6 van de stoffen. Nummers mag je vaker gebruiken.
Eindexamen 2024, tijdvak 1
- Vraag 42 punten · met uitleg
Je berekent de atoomeconomie van reactie 3: welk deel van de massa van de beginstoffen eindigt in het gewenste product ethanol.
- Vraag 51 punt · met uitleg
Je kiest een uitgangspunt van de groene chemie uit 6, 8, 9 en 12 waarop proces B beter scoort dan proces A, met een toelichting. Zoek ze op in de tabel met de uitgangspunten in je informatieboek.
- Vraag 243 punten · met uitleg
Je maakt het blokschema op de uitwerkbijlage compleet: de blokken S1 en S2 tekenen, de pijlen van de stofstromen tekenen en bij de pijlen de nummers 1 (gassen), 2 (olie), 3 (vaste stof) en 4 (water) zetten.
- Vraag 252 punten · met uitleg
Je geeft aan welke handeling de onderzoekers moeten doen om te testen of de vaste stof uit S1 de olie-opbrengst kan vergroten, en welk resultaat dat zou betekenen.